De site over het instrument alpenhoorn
De didgeridoo
 
 
 
Komt voor in: Australië.
Sinds: minstens 2000 jaar.
Evolutie: geen; is een primitief "instrument" gebleven.
 
Typen:
Vorm: afgeknot konisch, onzuiver. Begindiameter: ca. 3 cm. Einddiameter: 5 cm of meer.
Lengte: meestal ca. 100 - 150 cm, maar ook wel tot meer dan 200 cm.
Materiaal: door termieten uitgeholde eucalyptustak, bamboe, .........
 
Aanblazen: rechtstreeeks met de mond, met wat bijenwas op de blaaskant.
Speciale techniek: continu blazen m.b.v. circulaire ademhaling.
Tonen: drone (laagste toon) plus 3 - 5 hogere tonen (trompettonen).
Klank: drone - lage, volle bromtoon; trompettonen: net als de tonen van een midwinterhoorn, maar iets voller.
 
Betekenis voor de ontwikkeling van blaasinstrumenten: geen.
Betekenis voor de muziek: geen.
Belang in de hedendaagse muziek: de didgeridoo wordt nu door sommige bands gebruikt.
Hedendaags gebruik: door aboriginals (folklore), door straatmuzikanten en door enkele bands.
 
Goede sites over de didgeridoo:
© 2007 J. de Ruiter