De site over het instrument alpenhoorn

De midwinterhoorn

 
 
 
Komt voor in: Twente, de Achterhoek, Drenthe, .....
Sinds: voor 1500.
Evolutie: geen; is een primitief "instrument" gebleven.
 
Typen: zgn. "natte" en "droge" midwinterhoorn. Tegenwoordig hoofdzakelijk de droge midwinterhoorn. De beide helften zijn dan aan elkaar gelijmd.
Vorm: afgeknot konisch, onzuiver.
Lengte: 100 - 180 cm.
Materiaal: hout, met name berken-, elzen- en wilgenhout.
 
Aanblazen: via een zgn. happe, een primitief mondstuk.
Tonen: een beperkt aantal, 5 - 6, vanwege de korte lengte.
Klank: i.h.a. onaangenaam (tot afschrikwekkend), wat van oudsher ook de bedoeling was.
 
Betekenis voor de ontwikkeling van blaasinstrumenten: geen.
Betekenis voor de muziek: geen.
Belang in de hedendaagse muziek: geen.
Hedendaags gebruik: blazen (al dan niet groepsgewijs) in de adventsperiode (eind november tot begin januari).
 
Interessante sites over de midwinterhoorn:

© 2007 J. de Ruiter